Door Ge de Beer
 
Op een bijeenkomst van de Werkgroep Amerikaanse Sijzen zag ik voor het eerst yarrelsijzen. Ze zaten in de verkoopklasse maar waren al verkocht.
Nadat ik er een paar artikeltjes over gelezen had en ik het toch een erg fraai vogeltje vond besloot ik een paar koppels aan te schaffen voor de kweek.
Na contact gezocht te hebben met een van de leden kocht ik eind 2013  op de bijeenkomst van de WAS 2 koppels onverwante yarrelsijzen.
Ik heb de vogels afzonderlijk opgekooid en na ruim een half jaar  toen ze broedrijp waren heb ik de vogels gekoppeld.
Ze werden in kooien van 120 cm X 40 cm  x 40 cm geplaatst.
De eerste 2 dagen werd er met tussenpozen gevochten. Als het te heftig werd dan werd een schuif/schot geplaatst die de kooi in tweeën deelde.
Na die 2 dagen keerde de rust terug.  De vogels accepteerden elkaar beter en het duurde niet lang of de mannen voerden de popjes.
Vervolgens heb ik 2 verschillende nestgelegenheden aangeboden.
Er werd een hangnestje met een inlegnestje aan de binnenzijde van het voorfront gehangen. Aan de buitenzijde van het voorfront hing ik een plastic kanarie nestkastje met inlegnestje.
Vervolgens heb ik het nestmateriaal verstrekt en verder afgewacht.
(dat nestmateriaal verstrek ik niet in een ruifje maar in een plastic korfje waar je het materiaal in kunt proppen. De vogels moeten het eruit trekken maar je voorkomt op die manier nogal wat geknoei)
 
Het duurde niet lang of  popje 1 begon een nestje te maken. Ze koos daarvoor het hangnestje aan de binnenkant van de kooi uit. Binnen 3 dagen was er een perfect gevormd nestje gebouwd.
Een week later begon ook de andere pop te nestelen. Deze pop koos het nestkastje dat aan het voorfront van de kooi hing. Er ging toch zeker een week voorbij voordat het nest af was.
Om ongelijktijdig uitkomen van de eieren te voorkomen raapte ik de eitjes. Ik leg er kunsteitjes voor in de plaats. Na het leggen van het 4
e eitje worden de eitjes weer teruggelegd.
 
Koppel 1 had 4 eitjes. Daarvan was er 1 ei bevrucht. Dat ene jong groeide voorspoedig en kon op de 5
e dag geringd worden. (2,5 mm)
Van het andere koppel legde de pop 3 eieren. Helaas waren alle 3 de eieren onbevrucht.
 
De 2
e ronde van koppel 1 liet lang op zich wachten. Pas begin juli werden er 4 eieren gelegd. Ze bleken alle 4 bevrucht te zijn.
Echter een dag voordat de eieren uit zouden komen trof ik een kapot ei op de bodem van de kooi aan. Ik zag ook dat de man de pop op het nest lastig viel.
Ik heb de man meteen afgezonderd door de schuif te plaatsen die de kooi in tweeën deelt.
Deze gebeurtenis maar ook een zelfde ervaring in het verleden met magellaansijs mannen zijn voor mij reden om bij de yarrelsijzen, nadat het 4
e ei gelegd is, de man apart te zetten.
Hiermee wil ik niet zeggen dat dat bij iedere man nodig is. Ieder man is verschillend. Bij de kapoetsensijzen heb ik het nooit meegemaakt, maar een andere kweker  weer wel.
Het is ook een kwestie van veel observeren maar niet iedereen heeft die mogelijkheid.
We gaan weer verder waar we gebleven waren: de 3 eieren kwamen uit en de jongen werden goed door de pop gevoerd. Twee jongen kon ik ringen. Het derde jong was te groot en zelfs ringmaat 2,7 mm was te klein.
Alle drie groeiden ze voorspoedig op en waren op 5 september zelfstandig.
 
Het 2
e koppel had in mei 4 eieren. Daarvan waren er 3 bevrucht. De jongen kwamen op 19 mei uit en konden op 25 mei geringd worden. Ze groeiden verder zonder problemen op.
 
Koppel 1 liet het verder dat jaar afweten maar koppel 2 was nog wel in voor een derde ronde.
Er werden 4 eieren gelegd. Daarvan waren er 4 bevrucht. Er werden 3 jongen geboren waarvan er een enkele dagen later spoorloos verdwenen was. Resultaat 2 uitgevlogen jongen.
 
Koppel 1: 1
e ronde 1  tweede ronde 3 = 4 jongen
Koppel 2: 1
e ronde 0  tweede ronde 3 en de derde ronde 2 = 5 jongen
Het resultaat in 2014 was 9 jongen van 2 koppels. Ik was meer dan tevreden.
 
In 2015 van 3 koppels: 1
e ronde 7  De 2e ronde 3 en de derde ronde 5 jongen. Totaal 15 jongen
In 2016 van 3 koppels: 1
e ronde 7  De 2e ronde 5 en de derde ronde 7 jongen. Totaal 19 jongen waarvan de meeste mannen waren.
 
Bijzonderheden/pechgevallen: 2 even oude jongen in het nest. Eentje vliegt uit,  de ander zit achterstevoren in de nestopening. Dat jong werd niet gevoerd en stierf.
Een jong na een dag dood in het nest. Van een ander nest een jong spoorloos. Van datzelfde koppel een nest later precies hetzelfde.
Sommige jongen een dag na het uitkomen dood in het nest.   Het is geen luis aangezien ik al ruim 4 jaar een luisvrije kweekruimte heb.
 
 
HUISVESTING: de yarrelsijzen zitten in broedkooien van 1,20 mtr x 40 cm x 40 cm. De kooien kunnen middels een schuif in tweeën gedeeld worden.
(de man gaat na het 4
e ei apart en wordt er weer bijgelaten als de jongen uitgevlogen zijn.
Na het uitvliegen komen de jongen in een binnenvlucht van 2,40 meter x $0 cm diep en 90 cm hoog. De vlucht kan in tweeën gedeeld worden en heeft ramen die geopend kunnen worden.
Afhankelijk van de warmtebehoefte (winter) staat er een verrijdbare radiatorkachel. De temperatuur is in de winter gemiddeld 16 graden.
In de zomer kan de temperatuur behoorlijk oplopen. De yarrelsijzen vinden dat wel prettig.
Het dak is van dubbelwandige polycarbonaatplaat met daarop transparante golfplaten. Al met al een heel lichte zonnige kweekruimte.
 
VERLICHTING: Inmiddels LED verlichting. In het midden van de kweekruimte (gangpad) 3 stuks van 50 cm breed op een lengte van 3 meter en op het zijstuk van het kweekhok ook 3 strips van 50 cm op een lengte van 3 meter.
Hoewel de onderste kooien pas op een hoogte van 50 cm beginnen vangen ze toch minder licht.
Middels een dimmer gaat de verlichting  s’ochtends om 6 uur aan. Er is gedurende het hele jaar door 15 uur verlichting.
 
VOEDING: Amerikaanse sijzenzaad (gerantsoeneerd). Eivoer: 2 delen CEDE eivoer met 1 deel CEDE proteinenmix met wat Spirulina erdoor. (op 1 kg  10 maatschepjes spirulina) Als er jongen zijn geef ik  2x per dag eivoer)
2 e per week Chiazaad. (als er jongen zijn iedere dag, het wordt tot de laatste korrel gegeten)  2 x per week cichoreizaad - 1 x per week een mengeling van putter/onkruidzaad.
1 x per week witlof - 1 x per week broccoli  een stukje appel – komkommer – chinese kool. 
(om verveling bij de mannen die apart zitten te voorkomen geef ik ze regelmatig tussendoor een stukje komkommer. Sommigen eten het binnenste maar er zijn er ook bij die de hele schil er af pellen).
Verder grit,kiezel, sepia.
Buiten de broedperiode krijgen de vogels 2x per week eivoer.
 
DRINKWATER: iedere dag vers drinkwater. Om besmetting tijdens ziekte te voorkomen (gelukkig nog nooit meegemaakt) worden de flesjes terug geplaatst aan de kooi waar ze aanhingen.
Ik heb 2 sets drinkflesjes. Op vrijdag gaan de drinkflesjes maar ook de eivoerbakjes en andere vuile bakjes in een bak water met flink wat bleekwater (chloor) dat blijft zo’n 4 uur staan en wordt dan uitgespoeld.
 
BODEMBEDEKKING: houtsnippers. In de broedperiode worden de houtsnippers vervangen door zand om te voorkomen dat de houtsnippers tijdens de nestbouw in het nest belanden en daardoor de eieren beschadigen.
Ik heb nog informatie ingewonnen over het gebruik van golfkarton maar dat werd me afgeraden omdat dat door en met name broedlustige sijzen gesloopt zou worden.
LEVEND VOER: ik geef geen levend voer. De yarrelsijzen brengen de jongen prima zonder levend voer groot.
 
Enkele opmerkingen: over de afgelopen 3 kweekseizoenen met de yarrelsijzen:
 
·         Als een koppel niet klikt dan niet blijven proberen. Indien mogelijk de mannen verwisselen.
·         Hoe groter de kooien (links-rechts) des te beter voor  de ontwikkeling van de jonge vogels.
·         Het afgelopen jaar ben ik chia zaad bij gaan voeren zodra er jongen waren. Ik heb de indruk gekregen dat de jongen daarvan sterker worden.
·         Observeren! Ik ben er van overtuigd dat als ik meer tijd had voor observatie ik eerder had kunnen ingrijpen/ongelukjes had kunnen voorkomen.
·          Bij warm weer en enkele dagen voor het uitkomen van de eieren de eieren met een plantenspuit bevochtigen.
 
Twijfel;Na het 4e ei de man apart zetten?? Ik twijfel, ik doe dat liever niet. Misschien dat ik het toch nog eens probeer de man er bij te laten zitten.
 
Na 3 kweekjaren kan ik wel stellen dat de yarrelsijs voor mij een blijver is. Het is en een prachtig vogeltje met zijn petje en pittige karakter. En zeker niet te vergeten : zijn zang.
Als ze ‘s ochtends met zijn allen zitten te zingen: prachtig!   


Kweekverslag Japanse nachtegaal 2007.

Auteur: Cees van de Corput



Inleiding 2
Benodigheden voor 1 kweekronde. 2
Nestmateriaal: 2
Nestkorf 2
Aves producten 2
Levend voedsel 2
Basis voedsel 4
De kweek. 5
Kooi: 5
Kweekperiode: 5
Nestelen 6
Jongen 7
Jongen man/pop: 9
Ringen 10
Badwater 10


Inleiding: In 2007 heb ik met 1 koppel Japanse nachtegalen 12 jongen gekweekt. Alle jongen zijn zonder problemen groot opgegroeid. Dit verslag beschrijft hoe de kweek verlopen is.
In 2006 heeft dit koppel 8 jongen grootgebracht, in 2008 6 jongen en in 2009 8 jongen. In totaal dus 34 jongen in de periode 2006 t/m 2009.
Beide vogels zijn importvogels die ik in april 2005 aanschafte, in dat jaar zijn ze niet tot nestbouw overgegaan.
Benodigheden voor 1 kweekronde.
Nestmateriaal: bruine kokosvezel.
Nestkorf: niet altijd noodzakelijk maar kan als stevige basis dienen. De vogels broeden bij mij alle rondes in één nest dus een degelijk nest is handig.
Aves producten: Aves meelwormenvoer en insectenstrooipoeder. Voordat ik deze producten gebruikte stierven mij jongen vlak na het uitvliegen. Ze hebben dan niet de juiste voedingsstoffen in de juiste verhouding gehad.




Levend voedsel
Mijn koppel heeft tijdens het broedseizoen (april tot september) altijd de beschikking over levende buffalowormen. Ik doe deze in een schaal waar ze uiteraard niet uit kunnen kruipen. De wormen krijgen te eten: aves meelwormenvoer, stukje appel, tarwe zemelen, geraspte wortel. Dit voedsel zit ook in de bak waarin ik de wormen aanbied aan de vogels. Ik zorg altijd dat ik minimaal een halve liter wormen in huis heb. Ik doe hier dan twee weken mee. Indien er jongen zijn hanteer ik een ander voedselschema, ik beschrijf dit verderop.




Daarnaast krijgen de oude vogels tijdens het broedseizoen per dag een tiental witte meelwormen (vijf per vogel). Ik bewerk deze met aves insectenstrooi poeder.
De witte meelwormen haal ik dagelijks uit een bak levende meelwormen die ik voer met tarwe zemelen vermengd met lijsterkorrels, deze laat ik in water weken zodat ze zacht worden.
De witte wormen kun je in de diepvries bewaren. Je kunt het poeder het eenvoudigst op de wormen brengen door eerst de wormen in een bakje water te leggen, daarna even in een zeefje gooien en dan de wormen door de poeder halen. Ik gebruik een bakje waar in enkele schepjes poeder per keer in doe. De grote pot poeder blijft hierdoor vers en langer bruikbaar.







Basis voedsel
De vogels beschikken a;tijd over een mengsel van universeelvoer, eivoer (uit een pak), appel, stukjes paprika, krenten,stukjes tahoe,vruchten zoals frambozen en klein gesneden druiven. Tevens voeg ik wat pinkies uit de diepvries toe aan het mengsel.

De kweek.
Kooi: ik heb mijn koppels gedurende het gehele jaar per koppel in ruime kweekboxen (3 meter lang, 2 meter breed en 2 meter hoog op het hoogste punt) zitten die overdekt zijn. De koppels kunnen de andere koppels niet zien, wel horen uiteraard. Als de jongen net uitvliegen zijn ze kwetsbaar en een bui regen is voldoende om een ronde te verliezen. In de kooi heb ik een ruime pot staan waarin ik bladverliezende planten zet.
Onderaan de pot plaats ik een eenvoudig trapje gemaakt van enkele roesten of takken. De jongen kunnen dan de eerste dagen na het uitvliegen wat eenvoudiger terugklimmen in de struiken. Deze jongen zijn 14 dagen oud en vliegen net twee dagen uit.



Kweekperiode: half april worden de vogels broeds en dit duurt bij mijn koppel tot eind september.
De pop gaat met de staart omhoog, een teken dat ze broeds is.


.In 2006 heeft het koppel 6 rondes achter elkaar gedaan. Bij één ronde zijn de eieren door de jongen van het vorige legsel bevuild en daardoor niet goed bebroed.

Nestelen
:de man bepaalt de plek waar de nest moet komen. Ik kijk waar de man probeert een nest te maken en bevestig daar het nestkrofje (rieten mandje). Samen met de pop maken ze een nest van kokosvezel.



Een tip: als de nest na een paar dagen vrijwel klaar is dan plaats ik onder de nest wat zacht nestmateriaal ter isolatie. Zorg dat dit materiaal onder de kokosvezels ligt en de vogels het zo niet kunnen zien. Ik voeg dit materiaal toe omdat de vogels bij mij alleen kokosvezel gebruiken en daardoor nesten ontstaan die onvoldoende warmte vasthouden. Dit kan resulteren in eieren die moeizaam uitkomen en het nest kan zelfs verloren gaan.
Na ongeveer anderhalve week nestelen legt de pop haar 1
e ei en ze gaan broeden vanaf het 3e ei. Man en pop broeden afwisselend. Als ze 4 eieren hebben dan kan het gebeuren dat het 4e jong wat achterblijft in de ontwikkeling. Je kunt hier weinig aan doen denk ik. Ik raap de eieren niet, de vogels hebben het door als je met een kunstei aankomt. Dit kan je een legsel kosten.

Jongen: na 12 dagen broeden vallen de jongen uit het ei.



Als voedsel geef ik ze een bak met levende buffalowormen die goed gegeten hebben van aves meelwormenvoer. Verder alleen wat basisvoedsel waar ze overigens nauwelijks van eten. Gedurende de eerste dagen wordt elk wormpje met zorg door de ouders bewerkt alvorens ze deze aan de jongen geven.

De eerste 4 dagen geef ik de vogels geen ander voedsel. Vanaf dag 5 bied ik tevens weer witte meelwormen aan die zoals eerder beschreven bewerkt zijn met aves strooipoeder. Ik bied ze een aantal keer per dag een verse portie aan. De ouders wisselen nu de meelwormen en de buffalo wormen af. Ik zorg ervoor dat er altijd levende buffalo wormen in de kooi staan. Deze wormen hebben voldoende gelegenheid om zichzelf te voeden.

Vanaf dag 4 kun je ook levende (mijn voorkeur) krekels of diepvries krekels geven, dit is een prima voeding.
De levende, maatje 5/6 doe ik in een aquarium bak, de nachtegalen duiken hier dan in om de krekels te vangen.
Krekels uit de diepvries kun je prima in een schaaltje met een klein laagje water aanbieden, ze drogen dan niet uit.

Ongeveer de 11
e dag springen de jongen uit het nest, als ze gezond zijn dan kijken ze helder uit hun ogen. De staart ontbreekt nog en het voorzichtige vliegen lukt niet altijd de eerste dagen na het uitvliegen. Ze springen van tak naar tak en klauteren. Het grootste deel van de dag brengen ze overigens slapend door, geen paniek dus als ze met de ogen dicht zitten. Als ze 2 weken uitvliegen dan beginnen ze zelf te eten. De pop begint direct na het uitvliegen van de jongen het nest op te poetsen en al snel liggen de eieren weer in het nest. Als dit legsel uitkomt dan haal ik de jongen bij de ouders weg om te voorkomen dat ze om voedsel blijven bedelen en de nieuwe jongen tekort komen.
De jongen krijgen een basisvoedsel (eerder beschreven), aangevuld met ruime porties pinkies (merk Top Insect), witte bepoederde meelwormen en levende buffalowormen en buffalowormen uit de diepvries. Als je stopt met het geven van kwaliteitsvoer dan kan het alsnog fout gaan met de jongen. Bespaar dus niet op het eten. Ik plaats meerdere jongen uit meerdere legsels in één ruimte, dit geeft geen problemen. De jongen die net zelfstandig zijn plaats ik gedurende een paar weken in een aparte vlucht. Dan pas gaan ze zonodig bij andere jongen.

Jongen man/pop: de jonge mannen onderscheiden zich al snel van de poppen , ze hebben een zichtbare witte streep op de staart.





Als ze 2 weken uitvliegen dan beginnen de jongen mannen te zingen, de poppen laten dan de kenmerkende korte tonen horen.


Ringen
: op de 5e dag ring ik de jongen. De ringen voorzie ik uit voorzorg van een ventielslangetje. Een dag later controleer ik of de ringen nog aan de poten zitten en zonodig ring ik een jong nogmaals.

Badwater: de vogels, oud en jong, beschikken altijd over badwater. Het drinkwater krijgen ze via drinkflesjes.


Kweekverslag kapoetsensijzen.
Ingezonden door Ge de Beer.
Jarenlang kweekte ik met wisselend succes tropische vogels in de buitenvolière. (6x2x2mtr) Het volière broedseizoen liep meestal van half april tot half oktober. In de winter en het voorjaar was er weinig aan de vogels te beleven aangezien de volière was afgeschermd met plexiglas. In de binnenruimte stonden wel wat broedkooien maar die werden zelden gebruikt.
Omdat ik toch wel het hele jaar door met vogels bezig wilde zijn maar ook het hele jaar door wilde broeden zou er wel het eea aangepast moeten worden. Dat zou het beste kunnen door de binnenkweekruimte aan te passen/te vergroten. Zo werd er haaks op de binnenruimte een kweekruimte aangebouwd. Er ontstond daardoor een kweekruimte incl nachthok van ongeveer 12 m2.
Tijdens het lezen van een vogelboek kreeg ik interesse in de Amerikaanse sijzen. Prachtige vogels maar niet altijd de makkelijkste om te houden en te kweken. Voor beginners werd aanbevolen om te beginnen met de kapoetsensijs. Een prachtig vogeltje met een aangename zang. Ik las dat ze speciaal voer moesten hebben maar ook dat ze van temperaturen rond de 20 graden hielden. Niet direct vogels voor in de volière met kouder weer.
Ik kocht bij verschillende kwekers 2 onverwante koppeltjes die bij aanschaf bijna een jaar oud waren. Nadat de koppels enkele maanden bij elkaar zaten en ik zag dat de poppen door de mannen gevoerd werden heb ik in iedere broedkooi een nestkorfje en aan het voorfront 2 nestkastjes gehangen. Omdat ik ook ergens had gelezen dat kwekers zelf een nestje maakten vulde ik die nestjes met sisal en ander nestmateriaal en draaide er een kommetje in. Dat viel niet in goede aarde want binnen een uur was al het nestmateriaal door de poppen uit de nestkorf en kastjes verwijderd. Opnieuw gevuld en weer herhaalde het proces zich. Keer na keer. Wel dan zoek het maar uit!. Ik haalde alle nestmateriaal uit de korfjes en kastjes. De voorgevormde inlegnestjes liet ik zitten. Ik hing aan ieder voorfront een ruifje met nestmateriaal en wachtte af. Na enkele dagen gingen de popjes zelf aan de slag. Het ene popje maakte een nest in het korfje aan de binnenkant van de kooi en de andere pop maakte een nest in het nestkastje aan het voorfront.
De mannetjes zongen dat het een lieve lust was maar begonnen ook wat feller achter de poppen te jagen. Af en toe werd het wat heftig maar de poppen weerden zich goed. Mocht het echt te gek worden dan kon ik de broedkooien door een schuif in twee delen. Maar dat was gelukkig niet nodig.
In augustus hadden de poppen ieder een nest gemaakt met 3 eieren in het ene en 4 eieren in het andere nest. Daaruit werden 3 en 2 jongen geboren. Echte scharminkeltjes. Het leek ook of ze niet gevoerd werden. Ik zag geen overvolle kroppen. Heel anders dan de vette goulds. Maar alles ging goed. Ik kon ze na 6 dagen ringen. Dat was nog een heel gedoe met die frummeltjes. Het kostte me bloed zweet en tranen maar het is uiteindelijk gelukt. (zonder bril zie je het toch beter).
Nadat de jongen zelfstandig waren zijn ze in een vlucht van 1,20 breed x 40 diep en 90 cm hoog geplaatst. Die kan door het verwijderen van een schuif verlegd worden tot 2,40 breedte. De vlucht zit achter openslaande ramen. Ze zitten daarmee in volledig daglicht. Het zijn 1 man en 4 poppen.
In november begonnen de beide popjes weer met de nestbouw. Zo’n 5 dagen na het begin van de nestbouw had de ene pop 4 en de andere pop 5 eieren gelegd. De poppen zaten onverstoorbaar op het nest en werden soms door de mannen gevoerd. Ik heb de eitjes geraapt en op de dag dat het 4
e ei gelegd weer teruggelegd. Helaas bleken alle eitjes onbevrucht. Ik heb de eieren verwijderd en de nestjes/nestkastjes laten hangen.
Na zo’n 6 weken hadden de poppen weer 4 en 5 eieren gelegd. Maar ook deze keer waren alle eieren onbevrucht. Wat zou de oorzaak zijn? Wat mij eerder blijkbaar niet was opgevallen was dat er veertjes in de kooien lagen. Hoogstwaarschijnlijk waren de mannen in de rui geschoten. Omdat beide kooien meteen na binnenkomst rechts van de deur stonden zou tocht wel eens een rol kunnen spelen. (er hangt wel bubbeltjesplastic voor voorste deel kooi) Ik heb daarop beide koppels verplaatst naar broedkooien achter in de kweekruimte. Afmeting van deze kooien is 90 cm breed X 50 cm diep en 90 cm hoog. Ze zijn niet deelbaar)
Een maand later had de ene pop weer een nest gemaakt. Er werden 4 eitjes gelegd waarvan er 3 bevrucht waren. Er werden 3 jongen geboren. Ze groeiden voorspoedig op en zijn enkele weken geleden uitgevlogen. Op dit moment zitten ze nog bij de ouders. De andere pop heeft inmiddels 5 eitjes gelegd en daarvan zijn er 4 bevrucht. Die komen naar verwachting komende week uit.
Omdat ik de vogels alleen voor en na werktijd kan zien heb ik niet gezien dat de mannen de jongen mee voerden. Ik verwacht dat ze dat toch wel hebben gedaan. Ook heb ik tot op heden niet gezien dat de mannen zich tegenover de jongen vervelend gedroegen.
Huisvesting: om te broeden zitten de kapoetsensijzen in broedkooien van 1,20 x 40 x 40. Indien nodig kunnen de kooien middels een schuif in tweeën gedeeld worden. De jongen komen na het uitvliegen in vluchtjes van 1,20 x 40 x 90 cm hoog aan de raamzijde. Een verrijdbare radiatorkachel verwarmt de ruimte. De temperatuur is tussen de 15 en 20 graden maar loopt in de zomer op. Bij mooi weer worden de ramen geopend. Het dak is van dubbelwandig polycarbonaatplaat met daarop lichtdoorschijnende golfplaat.
Verlichting: eerst 2 peertjes van 60 watt op 3 mtr afstand van elkaar. Recentelijk: LED verlichting in de gangpad 3 stuks van 50 cm breed en op het zijgedeelte ook 3 strips van 50 cm. Gaat s’ochtends middels dimmer om 6 uur aan tot 9 uur s’avonds.
Voeding: kapoetsensijzenzaad, eivoer (2 delen Cede eivoer voor tropen en 1 deel Cede proteïnemix met wat spirulina er door. (op 1,5 kg een klein maatschepje spirulina) 2 x p wk teunisbloemzaad, 2 x p wk chia, 1 x per week een schepje mengeling van onkruidzaad/putter/sijzenzaad, 2 x p wk witlof, rode trosgierst, worteltjes, appel. Grit, kiezel, sepia. In de broedtijd geef ik het eivoer ‘ochtends en s ‘avonds. S’avonds wordt er nog weinig eivoer gegeten.
1 x p wk badwater. Iedere dag vers drinkwater. Ik houd goed in de gaten dat de flesjes weer terug geplaatst worden aan de kooi waar ze hingen. Ik heb 2 sets drinkflesjes. Iedere week worden de drinkflesjes maar ook de eivoerbakjes in een bak water met bleek gedaan. Dat blijft zo’n 3 uur staan en wordt dan schoongespoeld.
In de periode dat er genesteld gaat worden, worden de houtsnippers door zand vervangen om te voorkomen dat de houtsnippers in het nest belanden waardoor de eitjes beschadigd kunnen raken.
De kapoetsensijzen krijgen bij mij geen levend voer, geen vitaminen en/of kleurstoffen. Ik heb oranje kapoetsensijzen.
Al met al vind ik kapoetsensijzen hele gezellige vogeltjes. De mannen zingen prachtig en bij mij hebben ze geen aanleiding gegeven om ze af te zonderen omdat ze tegen de poppen en/of jongen lastig waren.


KWEEKVERSLAG BRUINRUG EKSTERTJES


Graag vertel ik mijn ervaring om bruinrug ekstertjes op onze tentoonstelling te krijgen.

Directe soorten zijn glansekstertje, dwergekstertje, ekstertje, reuzenekstertje, zwartrugekstertje
De herkomst van deze vogels is Kameroen, Kongo, Centraal Afrika, West Kenia N.W. Tanzania. Het zijn verdraagzame vogels die, vaak samen met soortgenoten, in zwermen van wel 100 stuks rondtrekken. Tijdens de rustpauze zitten ze vaak op een lange rij, dicht tegen elkaar op een tak, elkaar in de veertjes te krauwen. Voedsel overwegend graszaden die uit de aren of van de grond worden gegeten. Ook eten ze regelmatig termieten. Een rond nest voorzien van een zij-ingang gebouwd in struikgewas, klimop, heggen en gemaakt van grashalmen en van binnen afgewerkt met graspluimen. Het legsel bestaat uit 4 tot 5 eitjes. Deze worden door beide ouders bebroed en
‘s-nachts zitten beide ouders op het nest. De jongen komen na 13 dagen uit en verlaten na 18-20 dagen het nest. Slapen doen de jongen samen met de ouders, in het nest. Na 6 weken zijn de jongen zelfstandig. Als ze 3 maanden oud zijn is de jeugdrui voorbij. Het beste is om ekstertjes samen met een aantal soortgenoten, in een volière te houden. Tijdens de broedtijd kan er wat op elkaar worden gejaagd meestal omdat de ruimte dan te klein is. Als er jongen worden weggehaald bij de ouders voor een tweede broedsel dan is het verstandig om de jongen te plaatsen bijandere ekstertjes. Opletten om tijdig de nageltjes te knippen.

Vorig jaar kocht ik op de vogelmarkt te Zwolle twee bruinrug ekstertjes. Er was een kooitje met een koppel en twee apart. Ik zag aan de pootjes dat het wel een behoorlijk oud koppel was dus de twee andere gekocht. Dit waren jonge vogels maar niet te zien of het man of pop was. Dit is alleen te zien als een mannetjes zachtjes begint te zingen, amper te horen maar bij oplettendheid wel te zien. Natuurlijk kon het ook nog goed broer en zus zijn. Ik deed de twee vogels bij elkaar in een broedkooi van 60x40x40. Ik had gelezen dat ze vaak slaapnesten hebben en na enkele weken had ik maar een nestkastje in gehangen met wat kokosvezel en zelf maakten ze de binnenkant van het nest af met wit zacht materiaal (stoffen draadjes, watten,touw) Ik had geen van beiden zien zingen maar ik had nog geen enkele zekerheid. Wel toen veertien dagen later binnen 9 dagen 10 eitjes in het nest lagen. Twee poppen dus maar dit is beter dan twee mannen, plus dat het jonge poppen waren.

Even een paar mannen opzoeken. Dit was niet makkelijk en heeft wel een half jaar in beslag genomen. Op markten of bij handelaren worden ze praktisch niet te koop aangeboden en via vogel marktplaats alleen de hoofdprijs en je weet niet hoeveel legsels die vogels al achter de rug hebben. Toch via markplaats een adres van een kweker in Nieuwegein die er 5 in één koop verkocht voor een redelijk prijs. Ik op zondagochtend naar Nieuwegein, volgens de kweker had hij het al een jaar geprobeerd maar geen eitjes wel slaapnesten. Twee ervan had hij zien zingen. Na de koop heb ik de nieuwe vogels één voor één bij een pop van mij gezet. Er zongen er vier en de vijfde zal ook wel een man zijn.

Dus twee koppels gemaakt en die apart in een broedkooi geplaatst met halfgesloten nestkastje. Ik verstrekte als voedsel eivoer, gemengd tropisch prachtvinken (Van Himbergen ) en trosgierst. Met 2x per week gekiemd zaad. Plus grit met kiezel plus een schil van een ongekookt kippenei. Binnenvel eruit en goed schoonspoelen, ongekookt omdat anders de kalk eruit is. Dit voorkomt legnood bij de pop. In het drinkwater doe ik 1x in de drie weken appelazijn.

Na enkele weken had een koppel vijf eitjes waarvan 3 bevrucht. Ik ben toen naast het eivoer ook levende buffelo wormpjes gaan geven. De bedoeling was om daarnaast als de jongen 5 dagen oud zijn ook gekiemd zaad te geven. Er kwamen 3 jongen uit maar elke dag ging er één dood met lege krop. Tweede ronde weer 5 eieren met drie bevrucht toen de jongen uit kwamen lieten ze de eerste weer dood gaan.
De twee andere heb ik onder jap. meeuwen gelegd die ze wel groot brachten en gelukkig ook de buffelo wormpjes aten. De twee jongen groeiden voorspoedig op met eivoer buffelo’s en gekiemd zaad.


Al snel peuzelen ze zelf aan het trosgierst . Nog een derde ronde gedaan 6 eieren twee jongen waarvan de eerste weer na één dag dood. Ik liet de tweede maar liggen en die brachten ze wel groot. Het tweede koppel had een nestje onbevruchte eitjes en bij het tweede nestje drie bevruchte eitjes maar er zaten twee dode jongen in het ei en de derde kwam wel uit maar werd niet gevoerd. Dit jong nog net kunnen redden via jap. meeuwen.

Gelukkig heb ik vier jonge vogels op stok waarvan ik hoop dat er poppen bij zitten want die kan ik dan onverwant maken met de overige mannen uit Nieuwengein. Ik heb de vogels in een grote vlucht geplaatst om goed uit te vliegen en te ontwikkelen. Na het uitvliegen zijn ze volledig bruin maar na 3 maanden zijn ze volledig op kleur gekomen.
In de vlucht heb ik ook de twee kweekkoppels en de losse mannen geplaatst met wat nestkastjes als nacht slaapplek. Dit gaat uitstekend zonder herrie in de vlucht. Baden doen ze graag en dol op trosgierst. De jongen zijn geringd met 2,3 mm en ik hoop ze te kunnen presenteren op onze tentoonstelling.

Mijn persoonlijke conclusie is dat de poppen misschien nog te jong waren of er een aanpassing moet komen in het opfokvoer. Ik denk dan aan Cede eivoer speciaal voor tropen of miereneitjes erbij?
Nog gelezen dat het goed is om spaarzaam wat diepvries insecten te geven maar de aanbeveling is halfrijpe graszaden in de aar in de kooi op te hangen. Dit zou een hogere kans van slagen zijn om jongen groot te brengen.

Peter Sp.

IMG_0748IMG_0750



Kweekverslag Tijgervinken

In januari 2008 kocht ik een koppel tijgervinken op een vogelmarkt in Tilburg.
Al snel bleek dat ik twee mannen had in plaats van een koppel.
Jongen tijgervinken lijken veel op elkaar dus moeilijk te onderscheiden.
Ik ben in mei 2008 ben ik opnieuw naar de vogelmarkt geweest en heb de man bij dezelfde handelaar kunnen ruilen voor een pop.
De afmetingen van mijn broedkooi waar ik in kweek met de tijgervinken is 120cm lang , 40cm hoog en 40cm diep.
De tijgervink is een schuw vogeltje en laat zich zo min mogelijk zien.
Na een paar weken wennen heb ik er een gevlochten nestkorfje in gehangen maar er gebeurde weinig de eerste maanden.
Ik had verwacht dat ze een slaapnest zouden maken maar dat gebeurde niet.
Ik geef ze witte en bruine kokos sisal en donsveertjes waar ze de binnenkant van het nest mee bekleden.
Ondanks dat de man pas half op kleur was, hoorde ik hem toch regelmatig zingen.
In December 2008 begonnen ze met nestmateriaal te slepen.
Op 22 December 2008 heb ik in het nestkorfje gekeken en lagen er drie eitjes in.
Omdat ze in het begin zo schuw waren en zich weinig lieten zien viel het me nu op dat als ik in de kooi was ze constant van het nest af waren.
Uiteindelijk hebben ze vijf eitjes gelegd die ik na zes dagen heb gecontroleerd en allemaal bevrucht bleken.
Op 7 januari 2009 zijn er drie uit het ei gekomen en een dag later nog eens twee.
De voeding voor de tijgervinken bestaat voornamelijk uit een goed zaadmengsel voor Afrikaanse tropen aangevuld met trosgierst.
Ik geef ze CéDé exoten mix met daar doorheen gemalen Buffalo wormen en Pinky’s aangevuld met levende Buffalo wormen en miereneitjes.
Na zes dagen doe ik er ook nog gekiemd zaad doorheen.
Het kiemzaad bestaat uit senegalgierst , rode senegalgierst , japanse milet en gierst.
De achtste dag heb ik de tijgervinken geringd met 2,3 mm.
De jongen zijn inmiddels uitgevlogen en zitten al strak in de veren. Zie bijgevoegde foto’s.

Kees Janse


Tijgervink 1P2070024




Kweekverslag van de Huismus (passer domesticus)


Allereerst de kenmerken van de huismus:

Bij de volwassen huismus is de bovenkant van de kop egaal donkergrijs aan de zijkanten en het achterhoofd omzoomd door een kastanjebruine zone. De wangen zijn grijs. Onder de snavel heeft hij een zwarte keelvlek. De buik is grijswit en wat ook opvalt is een klein wit vlekje achter het oog. De veren op vleugels, rug en de dekveren hebben drie kleuren, donkergrijs aan de bovenkant en lichtgrijs aan de onderkant. De stuit, ondereind van de rug, is effen grijs. Tijdens de broedperiode hebben de mannetjes een diepzwarte snavel.
De vrouwtjes zijn valer van kleur. De kop is bruingrijs en door het ontbreken van de keelvlek en het koppatroon zijn  het minder opvallende vogels dan de mannetjes.
 
De zang van de huismus stelt niet zoveel voor. Ze tjilpen en kwetteren en bij gevechten met soortgenoten gaat het er nogal luid aan toe.
Bij het paren zit een man te baltsen om een vrouwtje te lokken.
Als het vrouwtje paringsbereidheid toont, volgen en verscheidene copulaties tot wel 25 keer achter elkaar.
 
Nu over de over de zaden die gebruikt worden voor de kweekmussen:
Hiervoor meng ik 5 kg. witzaad, 2 kg. parkietenzaden, 1 pond witte perilla en 1 pond gebroken haver onder elkaar.
Let wel, dit wordt alleen gevoerd in de kweektijd, tijdens de rusttijd géén gebroken haver.
Als nestgelegenheid gebruik ik kolonie broedblokken. Deze blokken ontsmet ik met U3, daarna gaat er een handje Herba-nestkruiden in.
Als nestmateriaal geef ik hooi. De nestkasten worden hiermee helemaal gevuld en hetzelfde nest wordt het gehele kweekseizoen gebruikt. Ze zijn erg proper, houden hun nest heel goed schoon. Als de jongen zijn uitgevlogen is aan het nest niet te zien dat ze daarin zijn grootgebracht.
 
Er wordt door mij met meerdere koppels in één kooi gekweekt.
Momenteel met 11 poppen en 3 mannen.

Twee volieres van 4 meter breed 2 meter hoog en 1.50 meter diep.
Alle twee zijn overdekt met polyester golfplaten. Daaronder hangen de nestblokken(kolonie broed dus drie nestkasten in een blok, verder zijn het open volières met zwarte grond en bedekt met boomschors en een stukje wit zilverzand.
De mussen zijn dol op zandbaden, dus als je gaat kweken op betonvloeren dan altijd een bak met zand op de grond zetten.
De kooi is beplant met enkele kunstbomen zodat de vechtende huismussen zich kunnen verschuilen.
Ook heb ik geprobeerd te kweken met één man, samen met 3 of 4 poppen.
Deze manier van kweken op zich ging redelijk goed maar omdat de poppen onderling vochten en de man ook vocht met de poppen waren er meer ongevallen. De mus kan zeer agressief zijn ten opzichte van soortgenoten.
De gevechten gaan op leven en dood.

De eitjes van de huismus zijn beige gespikkeld en komen na een dag of 15 uit.
Pop en man voeren alle twee en zorgen er ook voor dat het nest brand zuiver blijft.
De jonge mussen worden gevoerd met buffalo's en pinky's met daarnaast een rijk aan eivoer.
Na het uitvliegen is aan het nest niet te zien dat er jonge mussen zijn groot gebracht en begint en koppel meteen aan een tweede ronde.
Links een nestje net uitgekomen huismussen en rechts een huismus (links op de foto) net uitgevlogen.

 
Hans
Pasted GraphicPasted Graphic 1




GOUDVINKEN
wat vooraf ging..........
1-1

jongen 3 dagen oud en zelfde vogels na 5 maanden

De goudvink heeft bij mij altijd al een speciale indruk nagelaten en daardoor blijft het telkens weer een uitdaging om met deze prachtige vogels te kweken.Mijn eerste kweekervaring met de goudvink had ik begin de jaren negentig toen ik een koppel overjaarse grote goudvinken op de kop kon tikken.Ze hadden wel jongen gehad maar de toenmalige eigenaar slaagde er niet in om deze op stok te krijgen en stierven telkens na een paar dagen.Ik had het koppel in een grote kweekkooi van 1mX1m en 50cm diep gezet voorzien van 2 nestkapellen met een cocosnestje.Al vrij vroeg begonnen ze met de nestbouw en hadden ook drie bevruchte eitjes.In die tijd was het aanbod van aangepaste voeding in de handel natuurlijk nog niet wat het nu is ,en moest ik mij behelpen met de middelen die er toen waren.Namelijk zelfgemaakt eivoer zonder toevoeging van breedmax,aves en dergelijke maar met kleine spinnen en vooral bladluizen die ik ging zoeken en in overvloed gaf.Het gebrek aan dierlijke eiwitten was waarschijnlijk het probleem bij de vorige eigenaar dat de jongen in een vroeg stadium stierven.Maar op deze manier kwamen de jongen wonderwel heel snel groot zonder sterfgevallen,en ik had uiteindelijk vijf jongen van dat koppel.Ik wou het jaar nadien met 3 koppels kweken en had ondertussen een paar jongen geruild maar toen sloeg het noodlot toe.Op een paar dagen tijd stierven al mijn goudvinken op 1 man na,de oorzaak bleek dat bij het sproeien van het perceel naast mij sproeistof op de verse onkruidzaden was terecht gekomen die ik dagelijks aan de goudvinken gaf.Door dit spijtig voorval heb ik jaren geen goudvinken meer gehouden maar sedert 2003 ben ik terug begonnen met 2 koppeltjes en zijn er ieder jaar een paar bijgekomen ,zodat ik momenteel  5 koppels europese en 14 koppels noordse goudvinken bezit.In de noordse heb ik naast wildkleur ook pastel en bruinpastel die ik allemaal in kweekkooien kweek die ongeveer B100 XH80XD50 cm zijn.


verzorging van de goudvinken tijdens de winter


1-12
koppel wildkleur goudvinken in hun kweekkooi
Vanaf eind november worden al mijn goudvinken reeds per koppel in hun respectievelijke kweekkooien gezet,zodat ze tijdig kunnen wennen aan hun omgeving en toekomstige partner.Ze krijgen dagelijks 8 gram per vogel zaadmengeling van prestige,altijd nutibird c15,twee keer per week eivoer,wekelijks een takje trosgierst en af en toe een stukje wortel of witloof.Aangezien de vogels minder beweging hebben dan in een voliére hebben ze snel de neiging om te vet te worden vooral dan de mannen.Daarom sla ik regelmatig 1 of 2 dagen over om zaden te geven zodat ze enkel van de pellets eten en zo kun je ze in kweekkooien ook prima op gewicht houden.Vanaf het seizoen 2010 ga ik een test doen om  de helft van mijn kweekkoppels enkel nog pellets te geven en geen zaden meer.Deze koppels zijn sedert november volledig overgeschakeld op pellets en ze zitten allemaal in goede conditie,ik hoop dat ze het er tijdens de kweek ook prima vanaf brengen.Via het kweekverslag ga ik nu 2 koppels volgen,1 enkel met pellets en 1 die wel nog zaden krijgen.Ik ben alvast benieuwd naar de resultaten hiervan. In het drinkwater doe ik 2 keer per week appelazijn, 2 keer gentochol en eens om de maand 2 dagen na elkaar omni-vit.Vanaf februari ga ik het eivoer langzaam opdrijven naar 4 tot 5 keer per week en geef ik af en toe al eens pinkies zodat ze het voorhand leren eten.Vanaf maart geef ik als vitamines ferti-vit in plaats van omni-vit om de drift te stimuleren.
 

het kweekseizoen van de goudvink kan beginnen
1-13

jonge europese goudvinken, net het nest verlaten .

Aangezien de overjaarse goudvinken reeds eind maart beginnen te leggen,hang ik tegen half maart twee nestkapellen met een cocosnest achteraan in de kooien en geef ik cocosvezel als nestmateriaal.Al snel zullen de poppen met de cocosvezels gaan rondhuppelen en kunnen de eerste paringsdansjes beginnen.Sommige poppen maken een heel mooi nestje en anderen leggen direct in het gevlochten cocosnest zonder zelf wat nestmateriaal aan te brengen.De voorbije jaren had ik reeds rond 10 april de eerste jongen maar dit is natuurlijk afhankelijk hoe en waar ze de winter doorbrachten.Als ze buiten zitten zal je meestal tegen half april de eerste eitjes mogen verwachten.De eitjes neem ik iedere morgen weg en vervang ze door een kunststofeitje ,deze eitjes bewaar ik op kamertemperatuur in een doos met als ondergrond kanariezaad om de eitjes niet te beschadigen.Ze worden hier op het juiste nr van de kooi gelegd om ze niet te verwisselen en iedere dag eens gekeerd zodat de dooier goed blijft.Op de avond van het vijfde ei leg ik alles terug zodat alle jongen ongeveer gelijktijdig uitkippen,een grote goudvink heeft meestal 5 tot 6 eitjes hoewel 7 ook regelmatig voorkomt en bij de kleine goudvink is dit meestal 4 tot 5 eitjes.Vanaf het moment dat ik de eitjes terug leg zet ik ook de man apart in een babykooi die ik aan de buitenkant van het front bevestig.Op deze manier kan de pop rustig broeden,gaan er geen nesten verloren en kunnen ze elkaar toch nog zien.Want de mannen maken regelmatig nesten kapot omdat ze te driftig geworden zijn en dat is natuurlijk altijd jammer.Normaal mag je de jongen verwachten na dertien dagen broeden,vanaf de twaalfde dag neem ik alle zaden weg en geef ik enkel nog zelfgemaakt eivoer met diepvries pinkies en buffalo's,de pellets worden eveneens vervangen door C19 in plaats van C15.Het zelfgemaakt eivoer bestaat uit 1 hard gekookt ei,3 beschuiten,een schepje breedmax en spirulina ,daar voeg ik nog een derde cédé met licht bevochtigde nutribird pellets aan toe en dit alles goed mengen tot ik een luchtige massa bekom.Als alles goed gaat zullen de jongen spoedig opgroeien en kunnen ze na vijf dagen geringd worden met een E ring voorzien van een stukje kunststofslang,dit is nodig omdat het anders regelmatig voorkomt dat de pop de ringen met jongen en al uit het nest werpt.Hou ze in ieder geval juist na het ringen goed in de gaten zodat je alsnog kan ingrijpen moest het toch nog fout gaan.Vanaf nu geef ik terug zaad en voeg ik gekiemde zaden toe aan het eivoer,ik ververs het eivoer 2 tot 3 keer per dag .Het is beter een paar keer per dag een kleine hoeveelheid te geven dan 1 keer heel veel,omdat je zo de pop telkens gaat stimuleren te voederen en het eivoer niet kan verzuren bij warm weer.Na ongeveer 12 dagen laat ik de man terug bij de pop en de jongen,als hij niet agressief is kan hij erbij blijven en anders neem ik hem terug weg als hij de pop bevrucht heeft want rond deze periode zal de pop aan een volgend nest beginnen.Indien de man te agressief is laat ik hem iedere dag opnieuw bij de pop tot ze aan het leggen is zodat het volgend legsel ook bevrucht zal(kan)zijn.De jongen zullen na ongeveer zeventien dagen het nest verlaten en nu komt het erop aan ze zo snel mogelijk zelf te laten eten,aangezien de pop reeds aan het broeden is en de man apart zit gaan er regelmatig in dit stadium nog jongen verloren wat natuurlijk zeer spijtig is.Om dit te voorkomen laat ik een schepje pellets in water weken tot ze zacht zijn,dit doe ik in een snoepbakje en steek het door de tralies aan verschillende zitstokken,je zal zien dat jongen dit zachte voer met alle voedingswaarden snel tot zich nemen.Sedert ik dit doe heb ik geen sterfgevallen meer gehad van jongen rond drie weken oud en eten ze direct de pellets zonder problemen,trouwens zijn volwassen vogels er ook verzot op.Na een maand zijn de jongen volledig zelfstandig en zet ik ze per nest in een andere kooi zodat ze daar kunnen uitgroeien en aan de rui beginnen.
 


de ruiperiode van de jonge goudvinken
1-14
jonge goudvinkman in de rui.
In deze belangrijke periode krijgen de jongen nog dagelijks eivoer,zaden,pellets,veel verse onkruidzaden en af en toe wat groenvoer of een stukje fruit.Het drinkwater blijft ongewijzigd met twee keer per week appelazijn, gentochol en ze krijgen uiteraard regelmatig badwater.Na 8 a 10 weken zullen de eerste rode pluimpjes bij de mannen te voorschijn komen,als je de mannen wat wil opkleuren voor tentoonstelling kun je vanaf nu wat cantaxantine of een andere kleurstof toevoegen aan het eivoer.Ik doe dit persoonlijk niet ,want door gebruik van spirulina gaan de mannen toch al iets donkerder rood kleuren.Als je toch kleurstof geeft moet je dit dagelijks met dezelfde hoeveelheid doen omdat ze anders te vlekkerig zullen worden wat dan ook helemaal niet mooi meer is.Na ongeveer vier maanden zullen de jongen dan volledig door de rui zijn.

de start van een nieuw kweekseizoen
1-18
kweekkooien van de goudvinken
Nu de lente terug in het land is en de temperaturen eindelijk wat hoger zijn kunnen we stilaan de eerste nesten van onze goudvinken verwachten.De nestkastjes van de goudvinken werden op 22 maart reeds opgehangen ,maar ik ga nu nog een weekje wachten om cocosvezels te geven.Daarna is het afwachten wanneer de eerste eitjes er zullen zijn....
Van zodra de eerste eitjes er zijn kan je hier terug het kweekverslag volgen van een koppel goudvinken met nieuwe foto's.
 

start kweekverslag 2010
1-44

bruinpastelpop op haar nest

De maand april is van start gegaan en deze week zijn de eerste goudvinken beginnen te leggen.De rest zal nu wel snel volgen,zeker als het wat warmer zal worden komende week.Het blijft afwachten of de eitjes zullen bevrucht zijn,want vorig jaar was dat tijdens de eerste ronde te weinig het geval.
Dit seizoen worden de kweekresultaten van een aantal koppels die sedert november volledig op pellets staan vergeleken met de andere koppels die ook nog zaden krijgen.


een eerste teleurstelling!
1-51

de twee pasteljongen die ondertussen gestorven zijn

Zondag 18 april is een eerste wildkleur goudvinkjong van 4 bevruchte eitjes uitgekipt,en maandag zijn er nog 2 pasteljongen bijgekomen.Jammer genoeg is het wildkleurjong reeds maandag gestorven,en zijn ook de twee pastellen op dinsdag overleden.Het vierde bevruchte eitje was vroegtijdig afgestorven.Ik heb niet echt een verklaring voor de sterfte aangezien de jonge pop de jongen normaal voederde .Dit is toch wel een teleurstelling,maar het seizoen is pas begonnen en eind deze week verwacht ik terug jongen zodat we op hoop blijven leven........


de goudvinken beginnen nu goed te broeden
1-54
jonge goudvinken van 16 dagen oud
Wij zijn intussen eind april en nu beginnen de meeste goudvinken te leggen en te broeden.Na een verloren nest begin vorige week zijn er dit weekend nog 4 jongen uitgekomen.Tot nu toe gaat alles hier goed maar toch nog even afwachten want alles kan snel keren.Ik hoop de komende weken nog veel jongen te mogen verwelkomen,tot nu toe waren reeds 4 nesten volledig onbevrucht.
Op donderdag 29 april zijn er nog 3 van de 4 jongen in leven,het kleinste bruinpastel is woensdag gestorven.Momenteel groeien de andere 3 (2 bruinpastel en 1 wildkleur) goed op en kunnen ze morgen geringd worden.
De jongen zijn intussen geringd en nu 8 dagen oud ,alles verloopt normaal en groeien goed op.
Vandaag woensdag 12 mei  hebben we alweer een heel koude dag achter de rug,dit zal ongetwijfeld zijn invloed hebben op onze broedende poppen de komende weken.Momenteel begint het bij de goudvinken ook beter te lopen,een paar nestjes zijn reeds uitgekomen en een paar bevruchte nesten zijn voor begin volgende week.
Zondag 16mei , de eerste jonge goudvinken hebben het nest defintief verlaten en de pop is reeds een een tweede legsel begonnen in een nieuwe nestkom.
Ondertussen zijn er ook een paar europese jongen uitgekipt maar wel allemaal kleine nesten (max. 2 jongen/nest)
Vandaag is er ook een eerste jong uitgekipt van mexicaanse roodmus x goudvink (foto van ouderkoppel te zien bij rubriek foto's goudvinken) ,er zijn drie bevruchte eitjes van de 6 maar ik denk dat er nog eentje afgestorven is.Ik hoop dat het jong goed zal opgroeien want het is de eerste maal dat ik dergelijke kruising heb.Het ouderkoppel is een pop van 2007 met slechts 1 poot  en dat de twee vorige jaren gekweekt heeft met een goudvinkman en de mexicaanman is eveneens van 2007 en heeft de twee vorige jaren met een kanariepop succesvol gekweekt.Aangezien de kanariepop in februari gestorven is en de mexicaanman een héél rustige vogel is heb ik deze dan maar eens samen gezet met de goudvinkpop en het is meteen bingo!Ondanks ze pas eind maart samen gezet zijn in een gewone kooi van b100xd55xH50 en eigenlijk op de meest onrustige plaats van mijn kweekhok was de mexicaan de pop na 3 weken al eten aan het geven,ik dacht een goed begin .....en ondertussen terecht blijkbaar.
Na  nieuwe nestcontroles blijken nu toch verschillende eitjes bevrucht te zijn,er is dus beterschap in zicht en dit samen met wat hogere temperaturen laat het beste vermoeden voor de komende weken.
Woensdag 19 mei,van de drie bevruchte eitjes  mexicaan x goudvink is het tweede jong kort na uitkomst gestorven en het derde zat dood in het ei.Momenteel ligt de overblijvende kruising bij 2 jongen van europese goudvinken en momenteel gaat dat goed........afwachten wat het zal worden.

de eerste jonge goudvinken zijn zelfstandig
1-61

pastel en wildkleur goudvink van 20 dagen oud

De maand mei zit er alweer op en heeft weinig goeds gebracht,koud weer en weinig goudvinkjongen.
Over het algemeen waren er veel onbevruchte eitjes en eveneens vrij veel jonge vogels verloren door diverse redenen.Door de vele onbevruchte eitjes waren het meestal kleine nesten van 2 jongen die dikwijls moeilijker opgroeien dan nesten van 5 jongen.Momenteel is de tweede ronde volop aan de gang en hopelijk zijn de resultaten een stuk positiever.De eerste nestcontroles zijn veelbelovend maar er kan  zoveel fout gaan dat het afwachten is tot ze effectief zelfstandig zijn.De kruising van mexicaan  x goudvink heeft ondertussen ook het nest verlaten terwijl de pop terug aan het broeden is.